Mijn ontwikkeling

Onder deze knop probeer ik terug te filmen hoe mijn huidige levensbeschouwing zich ontwikkelde vanuit mijn Gereformeerde achtergrond, of eigenlijk de Gereformeerde Kerken van Nederland, zoals die zich uit het geloof der vaderen hadden ontwikkeld na de Reformatie tot eerst de Nederlands Hervormde Kerk, waaruit later de Gereformeerde Kerken zich weer afsplitsten. De Calvinistische Gereformeerde kerk, die in Nederland begon als kerk van ‘de kleine luiden’ speelde in de vorige eeuw een zeer actieve rol, niet alleen als actieve geloofsgemeenschap, maar ook in de sterk verzuilde structuur van de samenleving in die tijd met in de Gereformeerde zuil tal van organisaties als bijvoorbeeld de Vrije Universiteit in Amsterdam, de NCRV, het dagblad De Standaard (later Trouw) en de Anti-Revolutionaire Partij, die nu onderdeel is van het CDA

Vroeger stond ‘geloven’ bij mij min of meer gelijk met ‘gereformeerd zijn’, lid van een kerk zijn. Op de vraag of je geloofde zei je “ik ben gereformeerd”. Dat hield die hele protestantse geïnstitutionaliseerde religie in, waarvan de gereformeerde kerk dan weer een meer specifiek onderdeel uitmaakte met alle gedogmatiseerde geloofsopvattingen.
Als tiener ging je naar ‘catechesatie’ bij de predikant om vertrouwd te raken met die leerstellingen, ondermeer paragraafsgewijs vastgelegd in de vragen en antwoorden in de tekstblokjes van de 52 zondagen van de Heidelbergse Catechismus.
En bij het ‘belijdenis doen’ ten overstaan van de hele gemeente beleed je dat geloof.

Mijn geloof bestond uit een mengeling van dingen, die je echt beleefde en dingen, die meer formele leerstellingen waren, waar je wat afstandelijker tegen aan keek of niet goed van wist wat je daar nu echt van moest denken.
Daar begon eigenlijk al het onderscheid in de gradaties tussen je echt beleefde persoonlijke geloof en meer afstandelijke zaken in de geest van ‘je houdt er rekening mee, dat het zo zou kunnen zijn, maar weet het eigenlijk niet’ en dingen die je eigenlijk niets zeggen als je eerlijk onder woorden zou moeten brengen wat het echt voor jou betekent.
Met het opgroeien en verkennen en verbreden van je horizon van de wereld om je heen – waarin in de loop der jaren op zichzelf ook weer steeds nieuwe inzichten ontstonden (bijvoorbeeld in de fysica, archeologie, dna, etc) – raakte mijn persoonlijke spirituele geloofsbeleving meer en meer verweven met en werd het een onderdeel van mijn bredere levens- of wereldbeschouwing.

De impulsen voor die ontwikkeling kwamen in het begin – dwz rond mijn dertigste toen ik ouderling was en ik mij qua bewuste geloofsbeleving af en toe toch wel wat opgelaten begon te voelen – mede door mijn nader verdiepen in andere godsdiensten, waarbij ik mij steeds minder kon voorstellen, dat de Goddelijke bemoeienis met de mensheid zich slechts beperkte tot het Joodse volk en Jezus, waaruit zich later vooral door Paulus’ inspanningen de Christelijke kerk ontwikkelde en de rest van de mensheid slechts te verwaarlozen of tot het enig ware geloof te bekeren heidenen waren.

Hoezeer ik ook altijd aarzelde bij het kennismaken met het wereldbeeld, dat zich ontvouwde uit de zgn ‘readings’ van Edgar Cayce, die in de vorige eeuw in Amerika leefde tot zijn overlijden in 1945 en de literatuur daaromheen, realiseer ik mij nu toch, dat dit een wezenlijke invloed heeft gehad op mijn denken. Met name zijn confrontatie – tot zijn eigen grote verassing als orthodox protestant – met reïncarnatie, karma en de doorwerking van elementen uit vorige levens in Egypte, bij de Romeinen, bij de Essenen of in Zuid Amerika naar tegenwoordige levens van mensen, het gebeuren rond Atlantis, e.d. maakten veel indruk.

En mijn veranderend wereldbeeld als gevolg van de vele ingrijpend ontwikkelende nieuwe inzichten in de laatste decennia voelde ik ook steeds minder passen in het “gereformeerde wereldbeeld” van mijn kerk en de meeste gemeenteleden. Toen ik in 2010 die ontwikkelingen voor mijzelf eens op een rij zette in “Hoezo Nieuws?” was ik zelf verrast hoeveel ingrijpende ontwikkelingen in zo korte tijd zoveel invloed hadden op mijn wereldbeeld. Ik ging daar bijvoorbeeld in op nieuw ontstane inzichten met betrekking tot:

  • Archeologie, paleontologie en astronomie, die aantonen dat onze aarde ouder is dan zo’n 4.000 à 5.000 jaar
  • Ontcijfering van het DNA met recente inzichten in het ontstaan en de verspreiding van de mensheid
  • Relativiteitstheorie, Quantum fysica en Snarentheorie met nieuwe opvattingen over de relatie materie – energie – tijd en de kenbare werkelijkheid
  • Versnelde wetenschappelijke ontwikkeling en verspreidingssnelheid van informatie: nieuws over de moord op Lincoln deed er bijvoorbeeld enkele dagen over om de oceaan over te steken in vergelijking met CNN’s breaking news van tegenwoordig, waarbij je in oorlogen de raketten live kunt zien inslaan
  • Voortbestaan na dit leven met ervaringen van paranormale mediums, reïncarnatie, bijna-dood-ervaringen en
  • Waarnemen en bewustzijn: waarneming is niet objectief, maar afhankelijk van waarnemer, tijd en plaats.

De gereformeerde kerk voelde meer en meer als de kerk van mijn ouders en grootouders maar steeds minder als vertrouwd onderkomen van gelijkgezinden met wie je op eenzelfde golflengte je geloof beleeft.

En tenslotte hebben mijn kennismaking met het Ra Materiaal en “The Law of One” uit de channeling sessies in de 80-er jaren van Don Elkins en het medium Carla Rueckert en Jim McCarty veel invloed op mijn denken ook al ben ik er voor mijzelf niet uit wat betreft het betrouwbaarheids-gehalte en zullen velen het onzin vinden. Dat laatste geldt zeker ook voor mijn kennismaking met het materiaal uit de channelings van Wynn Free met aanvankelijk Daphne Karandanis en later ook Terry Brown met de Elohim. Er is in ieder geval nog heel veel van hun materiaal te lezen en te bestuderen.

Dit heeft allemaal ook mijn behoefte aangewakkerd om meer te willen weten van de moderne fysica, de kijk op onze kosmos, tijd en ruimte, materie, anti-materie en zwarte gaten, en de ontwikkelingen van de Quantum fysica in het licht van het Dualisme van Descartes, waarin hij zo’n 350 jaar geleden een duidelijk onderscheid maakte tussen de fysieke werkelijkheid en een andere geestelijke werkelijkheid daarbuiten. In dat licht ben ik ook geïnteresseerd geraakt in de ‘Reciprocal System Theory of Physics’ van Dewey B. Larson uit Amerika aan het eind van de vorige eeuw. Hij maakte op wetenschapstheoretische gronden korte metten met de moderne wiskundige fysici en ontwikkelde een theorie over zowel de fysische werkelijkheid, als de metafysische werkelijkheid, die ook iets zegt – hoewel wij daar maar zeer beperkte waarnemingen over hebben – over de werkelijkheid met meer dimensies dan de onze.

Ik heb meer en meer het gevoel gekregen, dat cruciaal is hoe je aankijkt tegen:

  • de voortdurende evolutie van jezelf, je ziel, jouw hogere zelf in een opeenvolgende reeks eindige incarnaties met leersituaties op deze planeet, waar vaak in grote lijnen al in de laatste tussen-leven periode voor gekozen is en
  • hoe tijd/ruimte en eeuwigheid/oneindigheid met elkaar verenigbaar zijn; hoe alles wat gebeurd is en nog zal gebeuren bestaat in de zgn “Akasha kronieken” waar aardse mediums vanuit onze beperkte dimensies soms mee in contact kunnen komen.

Daarin is reïncarnatie in de loop der jaren voor mij een vanzelfsprekendheid geworden, terwijl ik de laatste jaren steeds nieuwsgieriger ben geworden in het meer proberen te begrijpen van het naast elkaar kunnen bestaan van en de samenhang tussen tijd/ruimte en eeuwigheid/oneindigheid en concepten als buiten-lokaal bewustzijn.

De Rode draad:
In deze hele ontwikkeling van zo’n 55 jaar doemt dan het beeld op van een geleidelijk voortgaande relativering van mijn gereformeerde achtergrond naar een zich evenzeer geleidelijk verruimend wereldbeeld. Daarin realiseer ik mezelf, dat ik (ook wel intuïtief) voor de voeding voor mijn actieve geloofsbeleving steeds meer impulsen van buiten de gereformeerde wereld vond en dat de band met die kerk – tegenwoordig PKN – op het laatst steeds meer  op sociale contacten en de jaarlijkse “vrijwillige bijdrage” neerkwam dan op een werkelijk gedeelde en samen beleefde levensbeschouwing. Dat delen van die levensbeschouwelijke zaken komt de laatste jaren veeleer via internet contacten en boeken tot stand.

En daarin kwam in 2017 ineens een soort “afrondende ervaring” door het kennismaken met Dr. Alan Ross Hugenot in een lezing vanuit het NDE netwerk. Opgeleid in de tot in de hedendaagse tijd nog op Newton’s materialistische inzichten geschoeide algemene fysica kwam hij door een eigen Nabij-de Doodervaring (nog vòòr dat verschijnsel na de boeken van Dr. Raymond Moody ingang vond en een naam kreeg) tot de conclusie, dat die inzichten achterhaald waren. Mede doordat hij na die ervaring ook paranormale vaardigheden kreeg is hij zich in de volle breedte gaan verdiepen in het bijeenbrengen van het paranormale en de moderne inzichten van de quantum fysica, inzichten die in feite – na de ontdekkingen van de grondleggers van de Quantum Electro-Dynamica (Heisenberg, de Broglie, Schrödinger, Pauli, Jeans, Planck, Oppenheimer, Bohm en Von Neumann met het Zero Point Field) al in het begin van de vorige eeuw – onderbroken werden door 2 wereldoorlogen en min of meer tot stilstand kwamen. Pas in de afgelopen decennia is – mede na wetenschappelijk onderzoek van het paranormale, het wetenschappelijk bestuderen van reïncarnatie en van Bijna Dood Ervaringen het inzicht ontstaan, dat er een non-lokaal bewustzijn is, dat ten grondslag ligt aan de materiële werkelijkheid, zoals wij die met onze 5 zintuigen waarnemen en Newton die beschreef. Het bewustzijn is primair (‘Mind is the Builder’ zoals Edgar Cayce telkens al opmerkte) en de materialistische werkelijkheid gebaseerd op 3 dimensies + tijd is daarvan afgeleid. In zijn boek “The NEW SCIENCE of CONSCIOUSNESS SURVIVAL and the Metaparadigm Shift to a Conscious Universe” ontvouwt Alan Hugenot die inzichten met een immense overvloed aan referenties (boeken, artikelen, video’s). Dat materiaal ben ik nog aan het verwerken (vooral onder de knop “Onze kosmos”).

Sommigen zullen mij in deze ontwikkeling mogelijk als een dwaallicht beschouwen, een ontwikkeling die onverenigbaar is met “wat wij van thuis toch meekregen”, anderen zullen elementen als onzinnig of belachelijk beschouwen als niet passend binnen bewezen wetenschappelijke inzichten of zich afvragen of er iets aan mijn geestelijke vermogens hapert.

Het zij zo durf ik nu als midden 70-er wel te zeggen.

En weer anderen zullen er misschien vanuit hun eigen ontwikkeling ook dingen in herkennen of geïnteresseerd raken om verder in genoemde onderwerpen te duiken. Juist voor hen is deze site ook bedoeld, alsook de mogelijkheid om hierover van gedachten te wisselen.