Mijn basis

Een wonderlijk gevoel.
Daar zit ik dan. Ik heb ik me er nu eindelijk toe gezet om onder woorden te proberen te brengen wat mijn huidige levensbeschouwing is. Dit als opening in dit al jaren in mijn hoofd spelende project om verslag te doen van mijn zoektocht naar mijn identiteit, die volgens mij uiteindelijk neerkomt op mijn relatie tot God.

Meer over die zoektocht op de andere pagina’s van deze website.
Het is niet voor het eerst dat ik zoiets doe. Zo herinner ik mij bijvoorbeeld een neergekrabbelde bespiegeling over ‘Individualiteit en Bewustzijn’ uit 1985, een document ‘Bericht van onderweg’ (1988) en ‘Hoezo Nieuws?’ (2010) toen ik respectievelijk 43, 46 en 68 jaar oud was.

Maar voordat ik in ga op de ontwikkelingen tijdens die zoektocht, probeer ik hier eerst te omschrijven wat nu in mijn 70-er jaren mijn levensbeschouwing is. Vroeger zou ik dat misschien mijn geloof hebben genoemd, maar het is breder, meeromvattend geworden, mijn beleven van mijzelf in hoe ik de wereld om mij heen zie, mijn omgeving.

Ik merk, dat ik daar nadrukkelijk anders in sta dan de tegenwoordig grote (en nog steeds groeiende?) groep mensen, die hun bestaan in hun kosmos stellig willen beperken tot uitsluitend de fysieke, waarneembare en proefondervindelijk of wetenschappelijk bewezen werkelijkheid. Dat geldt ook voor vele theoretisch natuurkundigen.
Het verbaast mij nogal eens hoe toch redelijk denkende mensen zich krampachtig in zo’n opvatting kunnen persen, zich daarbij afsluitend voor een andere werkelijkheid die wel degelijk ook bestaat, maar genegeerd wordt of geridiculiseerd wordt als afgedane opvattingen, die niet meer zouden passen in de moderne tijd met onze huidige inzichten van de wetenschap.
Dan bestaat die werkelijkheid ook niet voor hen. Dat geloof ik graag. Maar dat wil natuurlijk niet zeggen, dat hij dan ook niet bestaat. Net zoals iemand met zijn gedachten volledig in beslag genomen kan zijn door iets en de werkelijkheid om hem heen vergeet. Dat is volgens mij precies wat zich dan afspeelt. In beslag genomen worden door je opvattingen en vergeten of niet willen zien van die andere werkelijkheid. Het lijkt er soms op of “de moderne wetenschap” bij die mensen tot nieuwe godsdienst is verheven.

‘Cogito ergo sum’ zei Descartes al, ‘Ik denk dus ik ben’ als ultiem bewijs van zijn bestaan. Met een kleine draai aan die stelling kun je volgens mij ook ‘Je bent wat je denkt’ zeggen. Dat en daar waar je denken zich op richt ben je, dat is dan jouw wereld. Hij werd later met zijn Dualisme (na vroegere filosofen) de kampioen van het onderkennen van een geestelijke wereld naast de fysieke/materiële wereld.

Kernpunten in mijn levensbeschouwing zijn:

  • De Gulden Regel, het grote liefde gebod “Heb God lief boven alles met heel je hart en je verstand” wat in andere woorden geformuleerd op hetzelfde neerkomt als “en je medemensen als jezelf”. Want in wezen zijn wij één met God, onze Oerbron en met onze medemensen, die allen ontstaan zijn in hetzelfde evolutie proces en waarbij ieder in zijn eigen ontwikkeling onderweg is naar het bewust worden van onze eenheid met onze Schepper en onze medeschepselen. In concrete bewoordingen komt dat neer op: “Behandel anderen zoals jezelf behandeld wilt worden en bejegen anderen niet zoals jezelf niet bejegend wilt worden”. Dat heeft te maken met een empatische houding van “inclusief denken” (respect voor andermans belangen en opvattingen en ook die van jezelf, denken vanuit het geheel, in het Ra Materiaal “service-to-others” genoemd) in plaats van “zelfzuchtig denken” (gericht op macht, manipuleren, beheersen, opdringen van jouw opvattingen, aanzien, materieel bezit, ongeacht of dat ten koste gaat van anderen, vanuit jou zelf denken, in het Ra Materiaal “service-to-self” genoemd). In de gnosis is dat het leven vanuit het kennen van de Christus, de goddelijke vonk in ons. Eigenlijk is het sleutelwoord: Compassie.
  • Eeuwig bewust voortbestaan. Reïncarnatie is voor mij aannemelijker dan de opvatting, dat ons bestaan zich slechts afspeelt tussen het eerste kreetje bij onze geboorte en onze laatste ademtocht bij het sterven. Hoewel onze geïncarneerde persoonlijkheid in dit aardse lichaam tijdelijk is, is onze ziel, ons Hogere Ik eeuwig.
    In die zin beschouw ik mijzelf als de pelgrim in de aandoenlijke Flammarion houtsnede op de Homepage, de dwalende zoeker, die door de sluier van vergetelheid in zijn aardse incarnatie de bewuste herinnering aan zijn herkomst vergeten is of daar hooguit vage, intuïtieve herinneringen aan heeft. Herinneringen aan een vroeger bestaan willen bij kinderen in hun eerste levensjaren nog weleens voorkomen (tot hooguit 6 a 7 jaar, waarna het bewustzijn zich volledig op het tegenwoordige bestaan richt bij het ontdekken van de wereld om hen heen). Ook het groeiende feitenmateriaal van Nabij-de-Doodervaringen draagt de laatste jaren veel bij aan deze inzichten, die duidelijk maken, dat wij na het “overgaan” met onze zelfde identiteit, maar dan zonder ons aardse lichaam (incl. onze opvattingen en interesses; sommigen realiseren zich zelfs in het begin niet eens dat zij dood zijn), steeds verder evolueren als geestelijke wezens – al dan niet met tussentijdse andere incarnaties – naar de uiteindelijke eenwording met onze Oerbron of God.
  • Karma, zonde en vergeving. In mijn opvatting over karma hebben zonde en vergeving een andere betekenis gekregen. Ik vergelijk het met het volgende beeld: in je omgaan met anderen kun je hen (bewust of onbewust) tekort doen, beschadigen, negatief bejegenen of anderszins, bouw je negatief  karma op als een soort negatieve lading tijdens een aardse incarnatie, naast natuurlijk ook positief karma bij positief omgaan met anderen. Om dat te ontladen is inzicht en vergeving nodig tussen jou en die ander(en). Dat karma neem je mee naar een volgende aardse incarnatie, waarvoor dan een soort leerprogramma is voorbereid om – vaak met diezelfde personen (in overigens ook nogal eens andere rollen als ouder-kind, bovengestelde-ondergeschikte, man-vrouw, e.d.) – “leersituaties” door te maken en de balans weer in evenwicht te brengen.
  • Alles is Eén zoals ‘The Law of One’ uitgebreid wordt uitgelegd in ‘Het Ra Materiaal’, dat ontstond in de jarenlange sessies van Don Elkins, het medium Carla Rueckert en later ook Jim McCarty in de tachtiger jaren in Amerika. En diezelfde inzichten zijn terug te vinden in de gnosis en bewaard gebleven in de esoterische kennis in vele religies en spirituele stromingen, waarvan ook sporen zijn terug te vinden bij Paulus en Johannes in het Nieuwe Testament.
  • Eeuwigheid, tijd en materie. God, onze Oerbron is oneindige, eeuwige intelligentie waaruit ons universum en andere universums zich afsplitsten en ruimte en tijd ontstonden en tegelijkertijd naast elkaar bestaan in verschillende sferen. In onze ontwikkeling evolueert ons bewustzijn door groeiend inzicht uit onze aardse ervaringen naar het opnieuw één worden met onze Oerbron. Op dit vlak hebben de nieuwe inzichten van de kwantum fysica en het eeuwige, oneindige non-lokale bewustzijn veel verhelderd over de onrealistische stellingnames en ontkenningen van de materialistisch geörienteerde en nog zeer op achterhaalde Newtoniaanse inzichten gebaseerde fysica, die juist vanwege haar beperkte uitgangspunten niets kan zeggen over de metafysische sfeer.
  • Menselijke vertekening. Hoewel uiterst waardevol zijn de Bijbelse geschriften door mensenhanden gemaakte geschriften. Dat betekent ook dat ze gekleurd zijn naar de opvattingen en wereldbeelden van al die mensen die daar een rol bij speelden. En dat is ook het geval met de religies, die met hun vaak als onfeilbaar geziene overlevering en hun in de loop der tijden gegroeide dogma’s producten zijn van de menselijke geest van de kerkelijke leiders en de gelovigen al dan niet vermengd met politiek en/of doodgewoon aards machtsstreven. Een bijzonder voorbeeld daarvan zijn de in Nag Hammadi teruggevonden teksten uit de eerste eeuwen van het Christendom, die daar in een grot verstopt werden toen zij verboden werden, maar waarvan nog duidelijke sporen zijn te herkennen in de opvattingen van Johannes en Paulus.